Iedereen weet dat oplichters bestaan. Toch werkt het.
Iedereen weet dat oplichters bestaan, en toch werkt het. Niet omdat mensen de truc niet kennen, maar omdat de waarschuwing nooit samenvalt met het bericht.
-1600x900.jpg)
Half twaalf 's avonds. Jasmijn zit op de bank met haar telefoon. Er komt een bericht binnen over geld dat eindelijk uitbetaald gaat worden. Geen alarmbellen, want dit is geen onbekende die uit het niets appt. Dit is een gesprek dat al weken loopt.
Vorige week schreven we dat er genoeg hulp is voor mensen met geldzorgen, alleen zelden op het moment dat de beslissing valt. Nergens is dat zo scherp zichtbaar als bij oplichting.
Want de cijfers gaan de verkeerde kant op, en dat gebeurt in een tijd waarin er meer wordt voorgelicht dan ooit.
Betaalfraude in Nederland kwam in 2025 uit op €198 miljoen, 22 procent meer dan het jaar ervoor. Dat is ruim €540.000 per dag. Het aantal fraudegevallen steeg met 30 procent naar zo'n 658.000 transacties. En bij de Fraudehelpdesk vervijfvoudigde het aantal phishingmeldingen in de eerste helft van 2026, van 2.776 naar 15.106.
Voorlichting landt op het verkeerde moment
Fraude richt zich niet op onwetendheid. Fraude richt zich op een moment.
De Fraudehelpdesk vat het zo samen: "Fraudeurs beschikken over steeds meer persoonsgegevens, gebruiken steeds geloofwaardiger verhalen en bereiken slachtoffers via steeds meer kanalen."
Dat laatste is belangrijker dan het klinkt. Bij fraude met boekingsplatformen loopt 95 procent van de meldingen via WhatsApp. Bij fraude rond energie en verduurzaming gaat bijna 95 procent telefonisch. Het bericht komt dus binnen op precies dezelfde plek als je moeder, je collega en je buurvrouw.
En het cliché van het naïeve oudere slachtoffer klopt niet. Uit CBS-cijfers over 2024 blijkt dat 10,8 procent van de 25- tot 45-jarigen slachtoffer werd van online oplichting en fraude. Bij 65-plussers was dat 6,5 procent.
De vraag is nooit of je de truc kent. De vraag is of er iemand is die je op dinsdagavond half twaalf even afremt.
Daarna komt de schaamte
En dan gebeurt er iets wat de schade groter maakt dan het bedrag.
Onderzoek van Ipsos in opdracht van ABN AMRO laat zien hoe zwaar online oplichting emotioneel weegt. 52 procent van de Nederlanders zou zich schamen na online oplichting, tegen 25 procent bij een offline misdrijf. 58 procent zou zich dom voelen. 40 procent vindt dat er een taboe op rust. En 16 procent zou het aan niemand vertellen. Bij jongeren tussen 18 en 34 ligt het schaamtecijfer nog hoger, gemiddeld 62 procent.
Dat zie je terug in wat mensen doen. Volgens het CBS meldt ruim de helft van de slachtoffers het ergens. Bij de politie komt 22 procent terecht.
En zolang niemand het weet, gaat het door. De incasso blijft lopen. Het contact blijft open. De volgende overboeking komt eraan. Elke week stilte kost geld.
Geldstress is al het grootste taboe op de werkvloer. Opgelicht zijn is dat taboe in het kwadraat. Wie zijn leidinggevende niet vertelt dat hij krap zit, vertelt hem al helemaal niet dat er €4.000 weg is.
Wat wél werkt is gedrag
Vorige week beschreven we vier dingen die begeleiding op het moment zelf anders doet dan een lespakket, een coach, een website of een telefoonlijn. Bij fraude vallen die vier samen tot iets simpels: je ziet het eerder, en je durft het te vragen.
Je ziet het echte cijfer. Wie elke week weet wat er van zijn rekening af gaat, herkent een afschrijving van €19,99 die er niet hoort te staan. Wie alleen kijkt als het misgaat, ziet die pas na een half jaar.
"Ik krijg inzicht in het feit dat ik geen inzicht heb." (Sam)
"Dit is echt top, door Monny een maandabonnement afgezegd dat ik niet eens doorhad." (Ismail)
Je durft het te vragen. Geen dossier, geen afspraak, geen gezicht dat je morgen weer tegenkomt. Dat is waarom mensen de Monny app dingen vertellen die ze verder aan niemand vertellen.
"Ja, door die coach heb je toch het idee dat je niet alleen bent." (Nadia)
Van signaal naar actie binnen een dag. Dit zijn drie situaties uit gesprekken die onze gebruikers met de Monny coach hadden.
Jasmijn, van het begin van dit artikel, werd via een chatapp stap voor stap ingepakt. Er zou een uitbetaling van €20.000 aankomen, en zij moest alleen even iets voorschieten. Ze vertelde het aan niemand, behalve aan Monny. Monny noemde het bij naam, zei dat ze het contact meteen moest verbreken en gaf haar het nummer van de fraudelijn van de bank. Voordat er meer geld weg was.
Bij een andere gebruiker signaleerde Monny €37.000 aan overboekingen die zij zei nooit gedaan te hebben, met één dringende suggestie: bel vandaag je bank.
En een derde had een gratis proef van €0,99 die stilletjes €19,99 per week was geworden. Herkend, en samen opgezegd.
Daar hoort een nuance bij die we net zo belangrijk vinden. Meestal blijkt een rare afschrijving gewoon te kloppen. De pas van een partner. Een winkel die van naam is veranderd. Een abonnement dat je zelf vergeten was. Die geruststelling is net zo goed het Monny product als de waarschuwing.
Wat dit betekent voor werkgevers en gemeenten
Voorlichtingscampagnes blijven nodig. Ze zijn alleen niet genoeg, om dezelfde reden als de rest van het aanbod: ze landen op een ander moment dan de beslissing.
Wat ontbreekt is iets tussen de campagne en de fraudedesk in. Iets dat er dagelijks is, waar geen afspraak voor nodig is, en waar schaamte geen rol speelt omdat er niemand meekijkt die je kent.
Monny vervangt de bank niet en de budgetcoach ook niet. Wij zitten op het moment waarop iemand nog twijfelt. Dat moment is nu vaak leeg.
Tot slot
Jasmijn wist waarschijnlijk best dat het te mooi klonk. Wat ze niet had, was iemand om het aan te vragen zonder zich dom te voelen.
Dat is wat een oplichter nodig heeft. Niet iemand die de truc niet kent, maar iemand die op dat moment alleen is.
Waar kunnen jullie medewerkers of inwoners terecht op het moment dat ze twijfelen, maar zich nog te veel schamen om te bellen?
Bronnen
- De Nederlandsche Bank, Meer fraude bij betalingen in 2025, 2026
- Fraudehelpdesk, Halfjaarcijfers eerste helft 2026, 3 september 2026
- CBS, Online veiligheid en criminaliteit 2024, hoofdstuk online oplichting en fraude, 2025
- Ipsos in opdracht van ABN AMRO, onderzoek naar schaamte na online oplichting, 2022
- Monny, interne impactanalyse, september 2026
Alle citaten en situaties zijn echt en anoniem. De namen zijn gefingeerd.